Zon, regen en oorwurmen

Met pinksteren zijn we met de Dolfijnen, de Verkenners en de Boekanier op kamp geweest. Voor de Dolfijnen was dit kamp tegelijkertijd een voorbereiding op het NaWaKa. Op het NaWaKa gaan we namelijk in tenten slapen, en dat moet je dan wel eerst oefenen.

Vrijdagavond kostte het wat moeite om de tenten op te zetten. We verbleven bij het zeeverkennerscentrum “De Visserij”, aan het Brielse meer. Omdat het grote kampeerveldje al bezet was, zaten we op een klein veldje, vlak bij het water. Het was voor sommige van de kinderen een verrassing dat tenten niet zijn gemaakt voor grote, luxe luchtbedden. Als je zo’n dik blauw luchtbed hebt, passen er ineens geen drie luchtbedden meer in een driepersoonstent.

Maar met een beetje passen, meten en creativiteit werd dit soort problemen snel opgelost: twee luchtbedden in de tent doen, en dwars er met zijn drieeen op gaan liggen bijvoorbeeld.

Zaterdag hebben we, vanwege het warme weer, besloten om naar een strandje toe te kanoen (kano-tocht van 3.2 km) en daar te gaan zwemmen. Toen we daar aankwamen was het weer niet zo warm meer, en begon het wat te miezeren. Buienradar waarschuwde zelfs voor onweer later op de middag. Hmm, dan maar snel weer op de terugweg, om voor het onweer weer terug te zijn.  Zijn we eindelijk terug, schijnt de zon zo hard dat iedereen de tent uit smelt. “Zullen we nog een snaar het strandje kanoen? dan kunnen we lekker zwemmen…”

Zondagmiddag kwam Saga langs, met zijn rolstoel. Hartstikke leuk. Sommige van de dolfijnen kenden hem nog niet. Even voorstellen dus…

saga

’s middags heeft Saga een van de posten bemand bij Levend Dieren Stratego. Maar met een klein verschil heeft zijn team toch het onderspit moeten delven.

Vorig jaar kwamen we tijdens het zomerkamp de hele tijd spinnen tegen aan boord van de boekanier. Nu, in het tentenkamp, was de oorwurm de ongenode gast. Gelukkig zijn oorwurmen niet  gevaarlijk. Spinnen ook niet trouwens. Toch voelt het niet zo lekker als je er eentje over je heen voelt lopen…

Met elke dag zon en elke nacht regen was het een vrij afwisselend kamp. Maar bovenal was het een vermoeiend kamp. Hoe vermoeiend een kamp is, kan je meten aan hoeveel dagen het duurt voordat kinderen verlangen naar hun middagdutje. We hebben namelijk elke middag een verplicht middagdutje, om te zorgen dat de kinderen ’s avonds iets langer dan normaal op kunnen blijven. Tijdens dat “dutje” mogen de kinderen niet praten of spelen, wat wel mag is een boek lezen, of natuurlijk gewoon slapen. Dat dit kamp vermoeiend was, was wel te merken aan dat veel kinderen toe waren aan het zondagmiddagdutje.

En dat het kamp vermoeiend was voor mij, was wel te merken aan hoe ik me dinsdag op mijn werk voelde, nadat ik een nacht van 10 uur slaap gehad had.

Maar het was een mooi kamp, en we hebben een hoop ervaring opgedaan voor NaWaKa.