Weerwolven op kamp

Het herfstkamp was erg leuk. Het was zoals elk ander herfstkamp: clubhuisje in het bos, spellen doen, stadje bezoeken, enzovoorts. Alleen was er een klein verschilletje: er was een weerwolf onder ons, maar we wisten niet wie. Het enige wat we wisten is dat die elk moment toe kon slaan, en iemand vermoorden…

Het kamp begon donderdagmiddag. Alles leek een normaal kamp. Maar vrijdagochtend, toen de verkenners moesten opstaan, bleef Gijs maar liggen. Hoewel hij al goed en wel aangekleed was, wilde hij maar niet opstaan. Tot het kwartje viel, en we merkten dat hij dood was… Bij het ontbijt hebben we de dorpsraad gehouden, een burgemeester gekozen, en besloten om iemand te lynchen. Nu waren er al twee doden. Zou dat geholpen hebben?

Toen we in het bos “omgekeerd verstoppertje” gingen spelen, viel er weer een slachtoffer. En met een dorpsraad werden er nog een paar mensen zwartgemaakt en eentje werd gelynchd. De vriendschappelijke paranoia begon een beetje toe te nemen. Maar zo lang andere mensen wisten waar je was en met wie, zou de weerwolf niet toe durven slaan…

’s avonds, na het avondeten, werd er weer een lijk gevonden. Hoe kan dat? iedereen zat gezellig samen te praten, een potje te kaarten, een boekje te lezen. Wie zou er even tussenuitgeslopen zijn om een moord te plegen, en dan weer snel terug te komen?

Het hele kamp was het een vraag die meespeelde: wie was de weerwolf? We hebben een gewonde jager ontmoet, het lijk van roodkapje gevonden, de grootmoeder koekjes gebracht, maar het duurde lang totdat we doorhadden wie de weerwolf was. er waren toen nog maar drie overlevenden…

Dit gaan we waarschijnlijk vaker doen. Levend weerwolven.